Lancering: zondag 13 september, 12:00
Het landschap dat hij zag verdwijnen
Drie Kempense landschappen van Emile Van Doren, uit zijn eigen huis in Genk. Ingebreid in biologisch katoen, in een eenmalige oplage van 700 paar per ontwerp.
Genk, 1901
Hij schilderde het omdat hij het zag verdwijnen
Emile Van Doren kwam begin jaren 1890 als jonge Brusselse schilder naar Genk en vertrok nooit meer. Vanaf toen schilderde hij één onderwerp: de heide, de vennen en de zandduinen rond het dorp. Buiten, met losse, snelle streken.
In augustus 1901 werd er steenkool gevonden onder Belgisch Limburg. Het stille boerendorp zou binnen enkele decennia uitgroeien tot, in de woorden van het museum, de derde industriepool van Vlaanderen. Van Doren zag het gebeuren. Hij schilderde er niet alleen doorheen: hij nam zitting in de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen en werd pleitbezorger van het landschap dat hij schilderde.
Het einde van dat verhaal is geen klaagzang. Een groot deel van die heide is vandaag beschermd als Nationaal Park Hoge Kempen. En het museum rekent schilders als Van Doren tot de mensen die daar als eersten de zaak voor bepleitten.
Hij schilderde het omdat hij het zag verdwijnen. En dat schilderen is een deel van waarom een stuk ervan er nog is.
Drie werken, drie sokken
Uit de collectie van het museum
Alle drie olieverf op doek, uit de collectie van het Emile Van Dorenmuseum in Genk. De kleuren van elke sok komen uit het schilderij.

Ontwerp 1
Bloeiende Boomgaard
naar “Verger en fleurs”
Fruitbomen in bloei, kippen die scharrelen in het gras eronder. Het lichtste en warmste van de drie.


Ontwerp 2
Bloei van de Gagel
naar “La fleurison de myrica”
Een moerassige heide waar de gagel bloeit, in april en mei, met gouden katjes. Het museum beschrijft het zelf: een donker palet, koningsblauwe streken, lichtblauwe plassen die het licht weerkaatsen en een grote wolkenmassa, ruw en schetsmatig gezet. Het meest atmosferische van de drie.


Ontwerp 3
Landweg met Paard en Kar
naar “Landkar op weg”
Een breed, panoramisch doek: een zandweg door open heide, een boerenkar met twee figuren in de verte, één donkere den. Het leegste en meest “grote lucht” van de drie.

Deze collectie is leeg
Doorgaan met winkelenWie was Emile Van Doren
Van Brussel naar de heide, en nooit meer terug
-
1865
Geboren in Brussel, op 14 april, in een slagersfamilie. Studeert farmacie aan de ULB en schrijft zich stiekem ook in aan de Académie des Beaux-Arts.
-
1892
Wint de Prix Donnay, de landschapsprijs van de Brusselse academie.
-
1893
Laat zich inschrijven als inwoner van Genk. Hij valt voor twee dingen tegelijk: het Kempense landschap en Cidonie Raikem, die een herberg runt aan de Stationsstraat.
-
1898
Trouwt met Cidonie. Samen maken ze van de herberg het Hôtel des Artistes, waar elke schilder op doorreis logeert.
-
1901
In augustus wordt steenkool gevonden onder Belgisch Limburg. Genk begint aan een tweede leven.
-
1913
Bouwt zijn eigen villa met atelier: Le Coin Perdu.
-
Medeoprichter van de Société Royale des Beaux-Arts in Brussel, naast Constantin Meunier, Fernand Khnopff en Joseph Coosemans. Leopold II koopt vroeg zijn werk; Albert I en koningin Elisabeth missen geen tentoonstelling; koning Boudewijn hangt later een Van Doren in zijn werkkamer in Opgrimbie.
-
1949
Sterft in Genk, op 19 mei.
-
1976
Le Coin Perdu opent als Emile Van Dorenmuseum.
-
2016
Genk treedt toe tot het Europese netwerk van historische kunstenaarskolonies.
-
2026
Het museum viert op 6 september zijn vijftigste verjaardag. Een week later verschijnen drie van zijn werken op sokken.
Emile Van Dorenmuseum, Genk
Het museum is zijn huis
Het Emile Van Dorenmuseum ís het huis van de schilder: villa Le Coin Perdu, in 1913 gebouwd met atelier, sinds 1976 museum van de stad Genk. Het noemt zichzelf een huis van landschap en kunst en vertelt naast Van Doren het verhaal van de Genkse kunstenaarskolonie. Tussen 1840 en 1940 kwamen honderden landschapsschilders naar Genk, onder wie Anna Boch, Emile Claus, Théo van Rysselberghe en Emile Bernard. Van Doren was de eerste die bleef.
De museumtuin sluit aan op het Molenvijverpark en is dag en nacht open.

Van doek naar sok
Ingebreid, niet bedrukt
Steek voor steek ingebreid. Geen inkt op de sok, dus niets dat kan vervagen of barsten.
Voet en boord van elk ontwerp zijn gekozen uit het doek: mosgroen en hemelsblauw, kameel en lichtblauw, oker en gebroken wit.
GOTS-gecertificeerd en 100% naadloos, met versterkte hiel en teen.
Dezelfde kleine werkplaats als al onze sokken, die we ieder jaar bezoeken. Een jaar garantie op elk paar.
Weg is weg
Elk ontwerp is een eenmalige oplage van 700 paar. Er komt geen herdruk. Zodra een ontwerp uitverkocht is, verdwijnt het van deze pagina.

